Vervolgartikel
Vergunningsvrij werk? De waarschuwingsplicht geldt nog steeds
Geen vergunning betekent geen kwaliteitsborger — maar de aangescherpte waarschuwingsplicht (art. 7:754 BW), het consumentendossier (7:757a) en de omgekeerde bewijslast (7:758) gelden óók bij vergunningsvrij werk.

In "Pak de regie in de meterkast" was de kern: bij verduurzaming komt alles samen achter één deurtje, en er is te vaak niemand die de regie neemt over het totaalplaatje. De elektrotechnicus is daarvoor de aangewezen persoon. Dit is het vervolg — want de wet nodigt je niet alleen uit om die regie te nemen. Via de aangescherpte waarschuwingsplicht verplicht ze je ertoe. En dat geldt óók bij vergunningsvrij werk.
"Vergunningsvrij? Dan hoef ik toch geen dossier bij te houden, en niemand die over mijn schouder meekijkt?" Het is de meest voorkomende — en duurste — denkfout rond de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Want in die wet zitten eigenlijk twee wetten, met een heel verschillende reikwijdte. De ene raakt jouw dagelijkse klus niet; de andere raakt hem juist wél — en wordt bij elke verduurzamingsstap belangrijker.
Twee wetten in één wet
De Wkb heeft een publiekrechtelijk en een privaatrechtelijk deel. Het onderscheid bepaalt of jouw werk eronder valt.
Het publiekrechtelijke deel regelt het toezicht vooraf: de onafhankelijke kwaliteitsborger, de bouwmelding bij de gemeente en het dossier voor het bevoegd gezag. Dit deel geldt alleen voor vergunningplichtige bouwwerken in gevolgklasse 1 — denk aan een nieuwbouwwoning. Voor veruit de meeste klussen van een installateur is er dus géén kwaliteitsborger nodig. Een extra groep, een laadpaal, een warmtepomp, zonnepanelen of een thuisbatterij in een bestaande woning zijn doorgaans vergunningsvrij. Tot zover klopt het gevoel "dat hoeft toch niet".
Het privaatrechtelijke deel staat los daarvan. De Wkb wijzigde per 2024 ook het Burgerlijk Wetboek, en die bepalingen gelden voor elke aannemingsovereenkomst — ongeacht vergunning of gevolgklasse. Hier zitten drie dingen die de installateur direct raken: de waarschuwingsplicht, het consumentendossier en de omgekeerde bewijslast.
De aangescherpte waarschuwingsplicht: art. 7:754 en 7:755 BW
Dit is waar het regie-verhaal en de wet samenkomen. NEN 1010 deel 6 vraagt bij elke uitbreiding of wijziging een beoordeling van het gehéél — de bestaande installatie plus het nieuwe onderdeel, niet alleen de groep die jij net hebt aangesloten. Jij bent daarmee in de praktijk de enige die de kast als systeem overziet. En precies daar hangt de waarschuwingsplicht aan vast.
Zie je dat de kast de nieuwe belasting niet aankan — een te krappe hoofdaansluiting, een verouderde stoppenkast, groepen zonder selectiviteit, een aansluiting die scheef op één fase drukt — dan móét je de opdrachtgever waarschuwen. En de Wkb heeft die plicht per 1 januari 2024 fors aangescherpt. Waar vroeger een mondelinge opmerking kon volstaan, moet de waarschuwing nu (art. 7:754 lid 2 BW):
- schriftelijk — vastgelegd, niet even tussen neus en lippen;
- tijdig — op het moment dat de opdrachtgever er nog iets mee kan;
- ondubbelzinnig — duidelijk, geen "het zou kunnen dat…";
- mét de mogelijke gevolgen — je benoemt concreet waar het misgaat als er niets gebeurt.
Gaat het om meer- of vervolgwerk om het probleem op te lossen, dan hoort daar op grond van art. 7:755 BW ook een tijdige melding over de prijsgevolgen bij, vóórdat je dat werk uitvoert.
Deze waarschuwingsplicht kent geen vergunningsdrempel en geen gevolgklasse. Ze geldt bij elke aannemingsovereenkomst, dus juist ook bij die vergunningsvrije laadpaal of thuisbatterij. Regie nemen over de meterkast is daarmee sinds de Wkb geen kwestie van goed vakmanschap alleen — het is een wettelijke plicht geworden.
Het consumentendossier: art. 7:757a BW
De tweede bepaling is artikel 7:757a BW. Dat schrijft voor dat de aannemer bij oplevering een consumentendossier (ook wel opleverdossier) overhandigt: een dossier waarmee je aantoont dat is gebouwd zoals overeengekomen en dat het werk voldoet aan de voorschriften. In de praktijk gaat het om revisietekeningen, meetrapporten, gebruikte materialen en installaties, garantiebewijzen en de verklaringen die bij het werk horen — en, niet te vergeten, een schriftelijke weerslag van een eventuele waarschuwing.
Ook deze verplichting hangt niet aan een vergunning of een gevolgklasse, maar aan het feit dat je werk aanneemt voor een consument. Met andere woorden: vergunningsvrij is niet vrijgesteld van het consumentendossier. Juist de klus waarvan de installateur denkt "hier hoeft niks", valt onder het BW-deel dat om vastlegging vraagt.
De omgekeerde bewijslast maakt vastleggen existentieel
Dan de bepaling die de andere twee scherp maakt: de aangescherpte aansprakelijkheid van artikel 7:758 lid 4 BW, in de volksmond de omgekeerde bewijslast. Gaat er na oplevering iets mis, dan wordt aangenomen dat het aan de aannemer te wijten is — tenzij die kan aantonen dat het gebrek hem niet is toe te rekenen.
Hier komen de puzzelstukken samen. Brandt er maanden later iets door, dan lig jij onder het vergrootglas, en moet jij laten zien dat jouw werk in orde was én dat je hebt gewaarschuwd waar dat nodig was. Een waarschuwing die je wel gaf maar niet kunt aantonen, is onder deze bewijslast net zo goed als geen waarschuwing. Precies daarom eist de wet dat je schriftelijk waarschuwt, en precies daarom is het dossier je bewijs. Met meetwaarden, foto's van de kritieke momenten, een conformiteitsverklaring en die schriftelijke melding lever je dat bewijs in één keer. Zonder dossier sta je met lege handen. En bij consumenten is deze bewijslast niet weg te contracteren: je kunt er in de kleine lettertjes niet onderuit.
Eerlijk: geen boete, wél een harde plicht
Belangrijk om niet te overdrijven: het consumentendossier van art. 7:757a BW is regelend recht. Partijen mogen er schriftelijk van afwijken — bij zakelijke opdrachtgevers gebeurt dat vaker dan bij consumenten. Er staat dus geen keurmeester met een bonnenboekje klaar, en er is geen boete als een dossier ontbreekt.
Maar dat maakt het geheel niet vrijblijvend, want twee dingen zijn dwingender. De waarschuwingsplicht is een wettelijke verplichting die je niet zomaar wegcontracteert, en de omgekeerde bewijslast is bij consumenten dwingend recht. De optelsom: laat je het vastleggen achterwege, dan verzaak je een plicht én geef je een wettelijk vastgelegd voordeel uit handen op precies het moment dat je het nodig hebt. Het dossier is dus geen bureaucratie — het is je verzekering.
Er is nog een scope-nuance die eerlijkheidshalve bij het verhaal hoort. Het gaat juridisch om "aanneming van werk" aan een bouwwerk. Een kapotte automaat één-op-één vervangen is een grensgeval; een groep bijplaatsen, een laadpaal- of batterijaansluiting of een uitbreiding van de meterkast is duidelijk werk dat eronder valt. Voor de doelgroep van dagelijkse verduurzamingsklussen zit het zwaartepunt dus ruim binnen de reikwijdte.
Van losse rapporten naar één meterkastpaspoort
De informatie die de wet vraagt, verzamel je in de praktijk toch al. De PV-installateur meet zijn strings, de warmtepompmonteur zijn groep, de laadpaalpartij het laadpunt. Het probleem is niet dat de gegevens ontbreken — het is dat ze versnipperd raken over losse rapporten en verdwenen mailboxen, en dat niemand de kast als geheel herbeoordeelt of een waarschuwing vastlegt.
De logische stap is bundelen: geef elke meterkast een digitaal meterkastpaspoort. Eén opleverrapport dat per installatie vastlegt wat is aangesloten, welke meetwaarden zijn gemeten, of het aan NEN 1010 voldoet, met foto's, een conformiteitsverklaring én — waar nodig — de schriftelijke waarschuwing. Het paspoort groeit mee: komt er later een laadpaal bij, dan wordt het bijgewerkt, en ziet de volgende vakman — of de koper, of de verzekeraar — in één oogopslag wat de kast al te verwerken krijgt.
Dat het zonder extra administratielast kan, is precies waar YourWkb voor is gebouwd. De installateur stelt ter plekke op zijn telefoon een Wkb-opleverrapport en NEN 1010-rapport samen, met automatische normcheck, klaar in minuten. De foto's die hij toch al maakt, de metingen die hij toch al doet en de melding die hij toch al moet geven, worden zo automatisch een compleet, overdraagbaar dossier — óók voor die vergunningsvrije klus.
De kern in één zin
Vergunningsvrij betekent: geen kwaliteitsborger. Het betekent níet: geen waarschuwingsplicht, geen consumentendossier en geen bewijslast. Juist bij die klussen ben jij degene die de kast overziet, die moet waarschuwen als het niet klopt, en die achteraf moet kunnen aantonen dat hij dat deed. Wie die regie pakt en aantoonbaar vastlegt, levert veiliger op, staat sterker bij aansprakelijkheid en onderscheidt zich als vakman die verder kijkt dan het ene apparaat.
Dit is algemene voorlichting en geen juridisch advies. Voor de precieze uitleg van art. 7:754, 7:755, 7:757a en 7:758 BW in een concreet geval: raadpleeg een jurist. Bronnen: Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) over het consumentendossier; de toelichting op de aangescherpte waarschuwingsplicht (o.a. Rensen Advocaten, La Gro, IBR); en Burgerlijk Wetboek Boek 7 (art. 7:754, 7:755, 7:757a, 7:758).